Deze week stond het met foto en al in de Volkskrant. Een middelbare school in Gouda, een aula vol docenten, een wiskundeleraar die zijn nieuwe nakijk-AI "echt de bom" noemt. En je gunt het ze. Docenten zijn acht tot tien uur per week kwijt aan toetsen maken en nakijken — werk dat de meesten naar eigen zeggen niet het leukst vinden. Als een computer daar uren van teruggeeft, is dat winst. Meer werkplezier, meer tijd voor de inhoud, minder discussie over wie zijn huiswerk nou wél of niet gemaakt heeft. Prachtig.
Maar ergens halverwege het artikel staat een zin die je makkelijk overleest, en die eigenlijk de hele euforie in perspectief zet.
De data staan bij Amazon in Ierland. En het model dat het denkwerk doet, is Google's Gemini. De makers geven toe dat ze liever met Europese partijen zouden werken, "maar dat is vaak duurder of werkt nog niet goed genoeg".
Lees die zin nog eens. Dat is geen technische voetnoot. Dat is de kern.
Ierland is een postcode, geen bescherming
Er wordt graag geschermd met "de data staan in Europa", alsof daarmee de kous af is. Maar een server in Dublin die eigendom is van een Amerikaans bedrijf, aangestuurd door een Amerikaans taalmodel, valt gewoon onder Amerikaanse wetgeving. De Amerikaanse overheid kan bij data van Amerikaanse aanbieders — ongeacht op welk continent de schijf toevallig draait. Dat is geen complottheorie, dat is de CLOUD Act. Het handschrift, de antwoorden, de foutpatronen en de leertempo's van dertien- en veertienjarigen worden als prompt naar een Amerikaans model gestuurd. "Europees" is dat niet. Het adres is Iers; de macht erover is dat niet.
En het mooie is: de aanbieders zeggen het zelf. Europees zou hun voorkeur hebben, maar het is duurder of nog niet goed genoeg. Dat is geen overmacht. Dat is een keuze. Een keuze waarbij kosten en gemak het wonnen van de vraag onder wiens jurisdictie de gegevens van andermans kinderen belanden. Prima om zo'n afweging te maken — maar noem het dan wat het is, en verkoop het niet als "netjes in Europa".
De school gaat er te goeder trouw in mee
Kennisnet-adviseur Remco Pijpers noemt AI-nakijken in datzelfde stuk "één groot ethisch vraagstuk" — privacy van kinderen, betrouwbaarheid van de beoordeling. En hij merkt terecht op dat de techniek nog niet door de databeschermingstoets is gehaald; dezelfde toets waaruit eerder bleek dat onderwijssoftware van Google op punten in strijd was met de privacywet.
Dat is de kwetsbaarheid. Een rector is geen data-architect. Een docent die zijn zondagavond terugkrijgt, gaat niet eerst uitzoeken onder welk rechtsstelsel het werk van zijn leerlingen verwerkt wordt — dat hoort ook zijn taak niet te zijn. De school in Gouda tekent te goeder trouw, vol enthousiasme, en gaat argeloos mee. Niet uit onverschilligheid, maar omdat de kennis om hier dwars doorheen te kijken domweg niet in de lerarenkamer zit. En precies daar wringt het: hoe minder een klant het verschil kan zien tussen "opslag in Ierland" en "verwerking onder Amerikaanse jurisdictie", hoe zwaarder de verantwoordelijkheid weegt van degene die het bouwt. Dat vertrouwen is geen vrijbrief. Het is een verplichting.
Tweehonderd docenten. En dan?
Er wordt met enige trots geleund op het aantal: zo'n tweehonderd gebruikers. Bedoeld als geruststelling — kijk eens hoevelen ons al vertrouwen. Draai het om. Tweehonderd docenten zijn honderden klassen, duizenden leerlingen, tienduizenden toetspagina's. Dat is geen bewijs dat het goed zit; dat is de exacte omvang van wat er, volgens hun eigen woorden, niet Europees geregeld is. Schaal is geen keurmerk. Schaal zonder de basis op orde is alleen een groter probleem, verpakt als succes.
Waar wij staan
Wij hebben vanaf het begin een andere afslag genomen. Europa is bij ons geen sticker die je er achteraf opplakt om een aula gerust te stellen, maar een uitgangspunt waar de rest omheen is gebouwd. Hoe we dat doen, houden we bewust voor onszelf — we gaan de concurrentie geen gratis stappenplan geven, en een deel van je voorsprong bewaar je nu eenmaal binnenskamers. Maar het uitgangspunt is niet onderhandelbaar: het werk van een leerling is van die leerling en van de school, hoort thuis binnen Europese kaders, en blijft daar. Geen sterretje, geen "op een paar onderdelen na", geen keuze waarbij de rekening het wint van de bescherming.
Een school die met ons werkt, hoeft geen data-expert in dienst te nemen om te snappen waar het werk van zijn leerlingen staat en wie erbij kan. Dat is nu juist het idee. Vertrouwen dat verdiend is — niet vertrouwen dat wordt uitgebuit.
De kop van deze week legt de lat bloot. Sommigen halen hem niet, en zeggen dat pas als een journalist ernaar vraagt. Voor ons is die lat geen eindstreep. Het is het beginpunt.